Tien dagen voor de Europa Cup-finale tegen Celtic speelde Feijenoord in De Meer tegen Ajax, de aanstaande landskampioen. Het werd een generale repetitie in vorstelijke stijl. Wim van Hanegem was een klasse apart: met zijn passes maakte hij van de Ajax-defensie een ruïne en hij speelde Rijnders en Mühren weg.
Ove Kindvall, die sinds begin maart niet meer had gescoord in de competitie, liep op passes van Van Hanegem keer op keer door de Amsterdamse verdediging. Na elf minuten maakte hij een bijzonder fraaie 0-1. Swart maakte gelijk, maar Hasil zette Feijenoord voor rust weer op voorsprong (1-2). Feijenoord had volgens trainer Ernst Happel in de rust al met 3-1 of 4-1 moeten leiden. Kindvall miste alleen voor doelman Bals, en Van Hanegem en Wery lieten kansen liggen.
Na 25 minuten in de tweede helft maakte Wery de 1-3, en Van Hanegem beschouwde zijn show als beëindigd. Ajax probeerde het nog één keer, en het lukte. Doelman Treijtel liet een hard schot van Keizer los en Cruijff tikte binnen (2-3). Daarna faalde Treijtel ook bij een hoge voorzet van Suurbier, en het werd 3-3.
'Feijenoord heeft bewezen een van de werkelijke topploegen te zijn', zei Happel. De Volkskrant noemde de 3-3 een vertekend beeld van een wedstrijd waarin Feijenoord superieur was.
Bron: eigen verslag op basis van de Volkskrant en Trouw van 27 april 1970 (Delpher).






![Feyenoord spits Willem van Hanegem (r) krijgt bloemen uit handen van Ajaxspeler [...]. Foto: fotograaf onbekend / Anefo, Nationaal Archief (CC0).](/images/optimized/matches/cm-1050f6330815c02d.jpg.webp)

