Biografie
Henk Schouten speelde vanaf zijn twaalfde bij Excelsior en werd op 19 juni 1955 lid van Feyenoord. Hij kwam, samen met Aad Bak en Tinus Osterholt, over van Holland Sport, een club die was ontstaan door de fusie van de profclubs Rotterdam en Den Haag. In 1954 had Schouten zich aangesloten bij de 'wilde' profclub Rotterdam. Kort daarvoor, in augustus 1954, ging Henk Schouten nog als gastspeler mee op een tournee van Feyenoord door het Rijnland. Feyenoords toenmalige trainer Adriaan Koonings beschreef in het clubblad een actie van Schouten uit Preußen Dellbrück-Feyenoord (1-1) van 4 augustus: 'Dan de allerlaatste seconden. Schouten passeert een ieder die hem de voet wil dwars zetten. Komt voor de keeper, schiet niet. Passeert nog een speler, schiet nog niet, pikt nog een mannetje, twee meter van de doellijn, puntert nu vlug.... net naast de paal. Tijd.'
Gelukkig zouden de Feyenoordsupporters nog vele jaren van dergelijke acties kunnen genieten en vaak met meer resultaat. Schoutens grootste wapenfeit is, dat hij in één wedstrijd negen keer scoorde. Het is nog steeds een record en het gebeurde op 2 april 1956 tegen De Volewijckers.
Feyenoords sterspeler speelde slechts twee interlands. Dat zou komen doordat Schouten een typische clubspeler heette te zijn. De ware reden was echter, dat hij op 1 mei 1955, na afloop van Ierland-Nederland (1-0) in Dublin, zijn eerste interland, nog als speler van Holland Sport brutaal was geweest tegen een bondsofficial. Pas op 12 november 1961 veroverde Schouten zijn tweede en laatste cap. Nederland verloor met 0-4 van de Belgen. Hij kwam nog wel een paar keer uit voor het Nederlands B Elftal, het Militaire Elftal en het Rotterdams Elftal. Na zijn sublieme partij tegen De Volewijckers hadden veel Rotterdammers verwacht dat Schouten wel weer als linksbinnen in Oranje zou worden gekozen, omdat Abe Lenstra was geblesseerd. De Keuze Commissie gaf echter voor de wedstrijd tegen België op 8 april 1956 de voorkeur aan Sjel de Bruyckere van Willem II, die drie dagen later naar Australië emigreerde,
Lees verder
In 1963 ging Henk Schouten terug naar Excelsior. Hij voetbalde tot zijn 59ste. Over zijn periode bij Feyenoord zegt hij: 'Een schitterende tijd, zowel qua voetbal als gezelligheid. Wij hadden een ploeg die jarenlang met elkaar speelde, na afloop bleven we altijd hangen en we gingen met elkaar weg, een glorietijd vond ik het.'
Voor de zoveelste keer sleept hij de doos met krantenknipsels vanuit de kelder naar zijn woonkamer. Henk Schouten wordt nog met grote regelmaat gevraagd naar de tastbare bewijzen uit zijn glorietijd. De meeste knipsels zijn van daags na 2 april 1956, de dag die voor altijd in zijn geheugen gegrift staat. Feijenoord-De Volewijckers: 11-4, met negen doelpunten van Schouten. Een ogenschijnlijk onaantastbaar record in het betaald voetbal, dat nu al bijna een halve eeuw standhoudt.
"Alle records worden gebroken, maar dit kan bijna niet verbeterd worden", stelt Schouten glunderend vast. Nog altijd beleeft hij een zicht- en hoorbaar genoegen aan 'zijn' grote dag. "Ploegen zullen nu niet meer zo snel winnen met elf doelpunten. Het is al een uitzondering als je er drie maakt". Er is in Nederland zelfs nooit iemand geweest die in de buurt kwam van het fenomenale aantal van negen goals. Ja, bij de F-jes of in de vijfde klasse onderbond, maar niet bij de grote jongens. Zes treffers komt bij hoge uitzondering nog wel eens voor. Johan Cruijff en Marco van Basten, om maar een paar namen te noemen, presteerden het beiden. Dan stokt de teller.
En als iemand ooit het onmogelijke presteert en er ook negen in jast, dan nóg blijft Schouten in morele zin recordhouder. Want, zo legt hij ten overvloede nog maar eens fijntjes uit: hij maakte er die dag niet negen, maar tien. Een glaszuiver doelpunt (Schoutens achtste van de dag) werd hem wegens vermeend buitenspel ontzegd. De middenvoor tikte de bal uit de rebound na een schot van Coen Moelijn in de hoek.
Schouten liep al voldaan terug richting middenstip, toen hij er op attent werd gemaakt dat de treffer werd geannuleerd. Bijna een halve eeuw na dato is Schouten nog altijd verongelijkt over die arbitrale dwaling. "De scheidsrechter gaf toe dat hij te vroeg had gefloten. Hij zei tegen me dat hij het niet meer terug kon draaien en dat ik er toch al zat had gemaakt. Het was een duizend procent zuiver doelpunt."
Alles wat Schouten op die tweede april aanraakte, veranderde in goud. Schopte er een Volewijcker over de bal heen, dan was die voor de spits. Een boogballetje dat doorgaans sterft in schoonheid, viel nu precies over de keeper in het doel. En dan te bedenken dat Schouten als vervanger voor Cor van der Gijp als diepste spits stond geposteerd. Goalgetter Van der Gijp had zich een week eerder geblesseerd en sloeg de opmerkelijke verrichtingen van zijn stand-in vanaf de tribune met verwondering gaande. De snelle Schouten speelde normaalgesproken net achter zijn zijn goede vriend Van der Gijp. "De beste spits waar ik ooit mee heb gespeeld", blikt Schouten terug.
Naast Schouten had rasdribbelaar Moelijn, op de flank ongrijpbaar voor de defensie van De Volewijckers, een groot aandeel in de monsterscore van Feijenoord. Scoren deed Coentje die dag zelf niet. Tinus Bosselaar en Riny van Woerden maakten de andere twee doelpunten. Omdat het scorebord van Feijenoord geen dubbele cijfers had, moesten voor de laatste twee goals de rode cijferborden van de speedwayraces worden aangerukt.
Schouten besloot het seizoen 1955/1956 als topscorer van Nederland met 35 treffers, twee meer dan PSV-er Coen Dillen. Toch eindigden de Rotterdammers dat jaar in de Hoofdklasse B slechts op de vijfde plaats, achter Elinkwijk, Rapid JC (dat later de kampioenscompetitie won), sc Enschede en PSV.
Grote successen smaakte Feijenoord pas een paar jaar later, met Schouten als belangrijke pion. Hij tekende in de kampioenswedstrijden in de seizoenen 1960/1961 en 1961/1962 voor de beslissende doelpunten. "Dat waren ook grote momenten, maar voor mij persoonlijk blijft die wedstrijd tegen De Volewijckers toch het allermooiste."




Gerard Kerkum230 wedstrijden samen
Coen Moulijn223 wedstrijden samen
Cor van der Gijp213 wedstrijden samen
Cor Veldhoen172 wedstrijden samen
Eddy Pieters Graafland151 wedstrijden samen
Aad Bak118 wedstrijden samen
Piet Steenbergen1946–1959 · 217 wedstrijden
Reinier Kreijermaat1959–1964 · 194 wedstrijden
Rinus Bennaars1959–1964 · 173 wedstrijden
Jan Klaassens1959–1964 · 172 wedstrijden
Riny van Woerden1951–1962 · 163 wedstrijden

