Puck van Heel, de aanvoerder
Vijftien jaar lang was Puck van Heel het hart van Feijenoord en de aanvoerder van Oranje. Rotterdam liet dat merken: met duizenden mensen op het station, een huldiging in Bristol en een afscheid met Koning Voetbal.
Ontdekt in Dordrecht


Gerard van Heel, door iedereen Puck genoemd, speelde zijn eerste wedstrijd in het eerste elftal van Feijenoord in 1924. Karel Lotsy, voorzitter van de technische commissie van de bond, vertelde later dat hij hem ontdekte in DFC – Feijenoord van 1 september 1924. Een plaats in de basis had Van Heel nog niet: linkshalf was Cor van der Velde. Toen Van Heel als reservespeler in aanmerking kwam voor Oranje, deed Van der Velde een stap opzij. In april 1925 speelde Van Heel in Zürich zijn eerste interland, tegen Zwitserland, en een paar weken later stond hij ook in het elftal dat tegen België speelde.
Het werd een loopbaan van vijftien jaar. Met Van Heel als aanvoerder werd Feijenoord meerdere keren landskampioen en won het twee keer de beker. In Oranje speelde hij 64 interlands, een record dat tot 1979 bleef staan. Een doelpunt maakte hij er niet in. Zijn volledige loopbaan staat op zijn spelerspagina.
Een gouden jubileum in Parijs
Op zondag 12 januari 1936 speelde Van Heel in het Parc des Princes tegen Frankrijk zijn vijftigste interland. Alleen Gejus van der Meulen had er toen meer. Nederland won overtuigend, en bij het diner in het Palais d’Orsay sprak niet alleen Lotsy namens de bond, maar ook Jules Rimet, de voorzitter van de Franse voetbalbond. Lotsy bood de ‘gouden jubilaris’ een bureau-ministre aan. Voorzitter Van Zandvliet, die mee was gereisd, benoemde hem ter plekke tot erelid van Feijenoord.
Twee dagen later kwam de Pullman-trein uit Parijs aan in Rotterdam. Op het perron en voor het station van de Delftsche Poort stonden duizenden mensen, en de politie, te voet en te paard, kon ze niet tegenhouden. Van Heel werd op de schouders genomen en naar buiten gedragen. In een auto met de nationale kleuren reed hij stapvoets naar Bristol, waar vlaggen boven de deur hingen en wethouder Ratte hem namens de gemeente huldigde.
Zestig
Twee jaar later volgde zijn zestigste interland, op 27 februari 1938 tegen België, in het eigen stadion in Rotterdam. Naast Van Heel stonden ook Van Male, Bas Paauwe en Leen Vente in het elftal. Bij rust stond het pas 1-0, maar na de pauze vielen er acht doelpunten, in de regen en op een modderveld. Nederland won met 7-2, met vier doelpunten van Kick Smit. Volgens de kranten herleefde ‘de oude glorie’, en ook de Belgische pers noemde ‘de oude Van Heel’ schitterend.
Koning Voetbal neemt afscheid
In 1939 speelde Van Heel zijn laatste wedstrijd voor Feijenoord, uit bij DFC. Op donderdag 2 mei 1940 nam hij in gebouw Odeon officieel afscheid, op een feestavond van de club en de Supportersvereniging Feijenoord. De clubavondcommissie had er werk van gemaakt. Op het podium stond een zilveren doel, met aan de ene kant het Oranje-shirt en aan de andere kant het rood-witte shirt, elk met de data van zijn eerste en laatste wedstrijd. Een oude veteraan in verschoten voetbalkleren strompelde naar voren om te vragen of men hem niet wilde vergeten. Daarop verscheen Koning Voetbal, die riep dat dat met Puck van Heel nooit zou gebeuren.
Daarna kwamen de sprekers. Van Heel kreeg een levensgroot portret van zichzelf in voetbaltenue, van aanvoerder Bas Paauwe een potlood, van de vrouwen van de eerste-elftalspelers een geschenk, en van De Zwaluwen een kristallen asbak. Administrateur Phida Wolff zei een gedicht op. Er was een speciaal voor die avond geschreven lied, en tot slot een bal. Acht dagen later viel Duitsland Nederland binnen.
Weet jij meer over dit onderwerp, of heb je een foto, knipsel of familieverhaal? Stuur een aanvulling of bekijk de open vragen.
Lees verder in de geschiedenis
- Hoofdstuk 3 · 1930–1939Gouden jaren dertigEen groeiende club, nieuwe successen en de ontwikkeling van De Kuip.
- Hoofdstuk 2 · 1917–1930Eerste kampioenschappenDe opmars naar de hoogste klasse en de eerste grote successen.
- Hoofdstuk 4 · 1939–1945Tijdens de oorlogFeyenoord en Rotterdam tijdens de bezettingsjaren.