Op 5 mei 1929 verloor Feijenoord met 4-0 bij HBS in Den Haag; Feijenoord speelde met negen invallers, HBS met vier. Na een kwartier bracht De Vries op, Van Romondt zette voor en Küchlin scoorde (1-0). Tien minuten voor rust schoot Van Romondt in de handen van de doelman, die de bal over zijn hoofd in het doel liet verdwijnen (2-0). De tweede helft bood weinig boeiend spel; kort voor het einde schoot Smeets mooi raak (3-0), en toen de Rotterdamse verdediging bleef staan in de veronderstelling dat hij buitenspel stond, kuierde Van Romondt rustig naar het doel voor de 4-0.
Bron: eigen verslag op basis van de Nieuwe Haarlemsche Courant van 6 mei 1929 (Delpher).

