De Klassieker in het Olympisch Stadion in november 1966 werd met spanning tegemoet gezien. Kaarten waren in Rotterdam nauwelijks te krijgen. Landskampioen Ajax vormde een hechte eenheid met de uitblinkers Henk Groot en Bennie Muller, terwijl bij Feijenoord Fransen en Jansen de ploeg geen stuwkracht konden geven. De Zweden Bild en Kindvall moesten het daardoor te veel zonder steun doen.
Na drie hoekschoppen kopte Nuninga na zes minuten een combinatie van Groot en Keizer binnen (1-0). Een treffer van Groot werd afgekeurd wegens buitenspel, en Haak miste voor een open doel. In de 38e minuut mocht Piet Keizer een strafschop nemen nadat Romeijn hem had neergehaald, maar hij miste, en Pieters Graafland stompte de laag nageschoten bal uit de hoek.
In de eerste tien minuten van de tweede helft ontketende Ajax een storm. Swart scoorde twee keer en Johan Cruijff één keer, en daarmee stond het 4-0. Zes minuten voor tijd maakte Cruijff ook de 5-0.
De klap kwam hard aan in Rotterdam. Ajax nam drie punten voorsprong op zijn grootste rivaal.
Bron: eigen verslag op basis van De nieuwe Limburger en de Leeuwarder Courant van 14 november 1966 (Delpher).








