Op 18 december 1955 speelde Feijenoord in de competitie thuis met 1-1 gelijk tegen EDO, dat met afbraakvoetbal een eindeloze en machteloze Feijenoord-stormloop (negentien hoekschoppen) weerstond. Tegen het einde van de eerste helft schoot Van Woerden van grote afstand, liet de verder voortreffelijke EDO-doelman Koelemij de bal los, en de aarzelende middenvoor Schouten tikte net op tijd naar linksbinnen Meerman, die bij zijn terugkeer in het eerste in een leeg doel scoorde (1-0). In de tweede helft bleef Feijenoord aanvallen, maar de EDO-stoppers Tol en Koning trapten bijna elke aanval weg. Na één uitval van rechtsbuiten Plaizier over links maakte Roodselaar met een effectvol schot gelijk (1-1), waarna negen Haarlemmers terug in de verdediging gingen.
Bron: eigen verslag op basis van Het Vrije Volk (Delpher).
