Op Tweede Paasdag, 21 april 1930, won Feijenoord in de eerste ronde van de NVB-beker in Rotterdam met 5-1 van AGOVV. Feijenoord miste Hendriks, Groenendijk en Bas Paauwe, die geblesseerd waren geraakt in de wedstrijd tegen de Tsjechen, maar nam toch meteen het initiatief. Na goed doorzetten van Barendregt schoot Pijl de 1-0 in, en De Greef passeerde na een snelle ren Hoekstra en scoorde met een onhoudbare schuiver (2-0). Kort daarna kreeg Van Heel de bal toegespeeld en schoot hij langs doelman Kranenburg (3-0).
Na rust deed Feijenoord het rustiger aan. Van Heel speelde de vrijstaande Barendregt aan, die onhoudbaar inschoot (4-0). Daarna werkte de Apeldoornse verdediger Koers de bal in eigen doel (5-0). Na een voorzet van Dogger kopte Van der Kraats nog de 5-1 binnen. Voorwaarts prees vooral de kleine Paauwe, die de Apeldoornse spil Kenin volledig uitschakelde.
Bron: eigen verslag op basis van Voorwaarts van 22 april 1930 (Delpher).

