In de achtste finale van de KNVB-beker, in maart 1957, speelde Feijenoord tegen Hermes DVS, voor tienduizenden toeschouwers. Volgens het Algemeen Dagblad leed Feijenoord aan zelfoverschatting, terwijl de Schiedammers enthousiast speelden. Rechtsachter Mommers hield Moulijn goed onder controle, en stopper Rijke en Van der Sloot hielden de voorhoede lang tegen. Kort voor rust haalde Rijke Moulijn neer in het strafschopgebied, en Gerard Kerkum benutte de strafschop (0-1). Twee minuten later gaf rechtsbuiten Van der Burg laag voor, en Van Zuylekom maakte gelijk (1-1).
Ver in de tweede helft kopte Henk Schouten een voorzet van Den Bleijker binnen (1-2). Daarna maakte Van der Tuijn uit een strafschop toch nog gelijk: 2-2. Daardoor moest de wedstrijd worden overgespeeld.
Bron: eigen verslag op basis van het Algemeen Dagblad, De Telegraaf en Het Binnenhof van 4 maart 1957 (Delpher).

