Op 1 februari 1981 speelde een gehavend Feyenoord in De Kuip tegen Sparta, dat er sinds 1964 niet meer had gewonnen. Pierre Vermeulen opende al in de eerste minuut de score, maar Louis van Gaal maakte gelijk. Na rust zette aanvoerder René Notten Feyenoord met een fraaie vrije trap weer op voorsprong (2-1), maar René van der Gijp maakte opnieuw gelijk: 2-2. Volgens Trouw legde Sparta, net als Haarlem een week eerder, de kwetsbaarheid van de Feyenoord-verdediging pijnlijk bloot. Trainer Václav Ježek vond dat er te veel balverlies was en dat het middenveld te weinig deed.
Bron: eigen verslag op basis van Trouw en NRC Handelsblad van 2 februari 1981 (Delpher).




