De Klassieker in het Olympisch Stadion van april 1989 begon 22 minuten te laat. Feyenoord kwam na achttien minuten verrassend op voorsprong door Jimmy Simons (0-1), en kon zich daarna liefst 38 minuten in die voorsprong verheugen. Doelman Joop Hiele onderscheidde zich met enkele bijzondere reddingen.
Na een afgeslagen hoekschop haalde Wim Jonk verwoestend uit (1-1), goed voor Ajax' tweeduizendste doelpunt in het betaalde competitievoetbal. Lang bleef het daarna gelijk, tot Bryan Roy acht minuten voor het einde met enkele bewegingen de Feyenoord-muur misleidde en keihard raak schoot (2-1).
Daarmee was het Rotterdamse verzet gebroken. Twee invallers maakten de cijfers hard. Rob Witschge stond zo vrij dat hij volgens Hiele 'eerst nog een kopje koffie had kunnen drinken' (3-1), en Ronald de Boer schoot keihard in de kruising (4-1).
'Als je met 2-1 verliest, kun je vrede hebben met de uitslag, maar 4-1 is ronduit een debacle', zei Hiele, die secondenlang op het gras bleef liggen.
Bron: eigen verslag op basis van Het Parool en de Volkskrant van 17 april 1989 (Delpher).



