Op 3 april 1921 speelde Feijenoord in het Amsterdamse Stadion een vriendschappelijke wedstrijd tegen Blauw-Wit: 2-2. Feijenoord was net gepromoveerd naar de eerste klasse, en duizenden toeschouwers kwamen kijken naar de nieuwe Rotterdamse eersteklasser. De Feijenoorders kwamen met een vrachtauto, met veel roodwitte supporters erbij. Voor de aftrap bood de voorzitter van Blauw-Wit de aanvoerder een krans aan. Tot rust werd er niet gescoord. Daarna maakte Van Diermen twee keer raak, de eerste keer met een omhaal. Van Riemsdijk schoot een voorzet van Petterson binnen, en in de laatste seconde maakte Kees Pijl gelijk. De kranten waren positief over de stevige maar faire Rotterdamse ploeg, met achterin Kolsté en voorin de gevaarlijke Pijl en Koonings.
Bron: eigen verslag op basis van De Maasbode, De Avondpost en De Nieuwe Courant van 4 april 1921 (Delpher).

