Op zaterdag 24 juli 1999 verloor Feyenoord een oefenwedstrijd tegen Liverpool met 2-0. Trainer Leo Beenhakker hield van Engelse tegenstanders in de voorbereiding, omdat die de gebreken van zijn ploeg blootlegden. De kampioen was een helft gelijkwaardig aan de nummer zeven van de Premier League en dwong met snelle, vloeiende aanvallen vier kansen af, maar doelman Sander Westerveld en de lat hielden Feyenoord van scoren af. Na rust zakte Feyenoord door vermoeidheid diep weg; Liverpool bracht verse krachten als Dietmar Hamann, Vladimír Šmicer en Øyvind Leonhardsen in, Feyenoord de stagiairs Somália en Mo Allach.
Bron: eigen verslag op basis van het Algemeen Dagblad van 26 juli 1999 (Delpher).

