In de achtste finale van de KNVB-beker, in februari 1965, ontving Feijenoord Veendam in De Kuip, voor 19.000 toeschouwers. Veendam was kansloos, maar probeerde te voetballen in plaats van alleen te verdedigen. Na een kwartier opende Gerard Bergholtz de score uit een voorzet van Venneker (1-0). Daarna dribbelde Coen Moulijn door de Veendamse verdediging en speelde hij Hans Venneker vrij voor de 2-0. Vlak voor rust moest Pieters Graafland nog redden toen Pascal alleen voor hem opdook.
Een kwartier na rust stormde Kruiver door het centrum en gaf hij de bal aan Bergholtz, die 3-0 maakte. Kort daarna haalde Uittenbosch Moulijn neer. Uit de vrije trap legde Moulijn de bal op het hoofd van Henk Groot: 4-0. Groot miste later nog een strafschop, die doelman Rosies stopte. Veendam-aanvoerder Zoetenbier nam de plaats van de hard spelende Uittenbosch tegen Moulijn over. Feijenoord stond in de kwartfinale.
Bron: eigen verslag op basis van het Algemeen Dagblad en Het Rotterdamsch Parool van 1 maart 1965 (Delpher).


