Op 25 februari 1956 verloor Feyenoord, versterkt met Joop Odenthal (Enschede) als rechtsback, Notermans (Fortuna '54) als linkshalf en Rijnvis (ADO) als linksbuiten, op het met een dik sneeuwtapijt bedekte Houtrustveld in Den Haag met 1-3 van het voorlopig Nederlands elftal. Feyenoord paste zich beter aan het terrein aan en was het eerst op toeren, maar schoot slecht; Cor van der Gijp miste twee opgelegde kansen. In de 38e minuut passeerde Abe Lenstra op het middenveld enkele tegenstanders en bediende de VVV-middenvoor Koopal met een haarzuivere pass, die hij keihard in de rechterhoek schoot (0-1). Bak beheerste daarna met Klaassens het middenveld, en Kerkum en Van der Bijl voorkwamen meer tegendoelpunten. In de derde minuut na rust gaf Lenstra een pass op Moulijn (van Feyenoord, in het voorlopig elftal), wiens schot door rechtsbuiten De Jager (DFC) werd ingekopt (0-2). In de achtste minuut gaf Bosselaar vanaf rechts een hoge voorzet op Steenbergen, waaruit Feyenoord tegenscoorde.
Bron: eigen verslag op basis van het Dagblad voor Noord-Limburg (Delpher).

