Ajax kwam in november 1946 ongeslagen naar de Kuip, en dat werkte op Feijenoord als een rode lap op een stier. Een week eerder was de ploeg nog door Sparta onder de voet gelopen, maar nu speelde aanvoerder Bas Paauwe, hersteld van een knieblessure, weer als spil en debuteerde De Jong uit het tweede elftal als middenvoor. Zo'n 35.000 tot 40.000 toeschouwers zagen een wedstrijd die herinneringen opriep aan de gloriedagen van weleer.
Na enkele minuten zette Van Munster scherp voor en schoot De Jong van dichtbij langs doelman Keizer (1-0). Twee minuten later maakte Ajax gelijk, na een fout van Paauwe. Van Kilsdonk zette Feijenoord met een vrije trap opnieuw op voorsprong, maar weer kwam Ajax direct terug: Van der Bijl hield een schot van Broekman niet vast en Michels schoot de 2-2 binnen.
Na rust was het spel even aantrekkelijk. Na zeven minuten bestrafte Van Kilsdonk een misverstand in de Ajax-verdediging (3-2), en kort daarna schoot Jan Linssen een door De Jong doorgekopte voorzet van De Vroet binnen (4-2). Ajax zette een stormloop in, maar de nu rustige Van der Bijl hield stand. Tien minuten voor tijd werkte De Jong na een scrimmage de 5-2 over de lijn, en Fischer maakte nog 5-3.
Ajax had zijn eerste nederlaag van het seizoen geleden. 'Dat is weer eens echt Feijenoord-Ajax geweest', schreef De Tijd.
Bron: eigen verslag op basis van De Tijd, De nieuwe Nederlander en het Algemeen Dagblad van 11 november 1946 (Delpher).

