De 125e Klassieker, in mei 1995 in de Kuip, werd een genadeloze afstraffing. Ajax, dat een week later in Wenen de finale van de Champions League speelde, spaarde onder anderen Van der Sar, Rijkaard, Litmanen, Ronald de Boer en Finidi, maar had dat niet nodig. Feyenoord was ook verzwakt: De Goey, Heus en Kiprich vielen in de laatste dagen weg, en Scholten, Fraser en Van Bronckhorst tobden met blessures. Reservedoelman Van Dijk stond onder de lat.
Uitblinker Kanu was niet van de bal te krijgen. Diep in de eerste helft speelde Frank de Boer de Nigeriaan aan, en Kanu bediende Overmars, die Van Dijk op het verkeerde been zette (0-1). Een doelpunt van de geblesseerde Larsson werd afgekeurd. Binnen dertig seconden na rust lagen alle Feyenoord-plannen in duigen door een weergaloze actie van Kanu (0-2).
Daarna ging het hard. Kanu scoorde nog een keer, en Davids en Van Vossen maakten er 0-5 van. Ajax ging over de grens van honderd doelpunten in de competitie en stond op het punt als eerste club in het betaald voetbal ongeslagen kampioen te worden.
Bron: eigen verslag op basis van het Algemeen Dagblad en de Volkskrant van 19 mei 1995 (Delpher).



