Op 15 januari 1928 boekte Feijenoord in de competitie een zwaarbevochten 5-2-zege op HVV, bij ideaal voetbalweer. HVV had invallers voor Marang en Vis; Feijenoord was volledig. HVV koos zon en wind mee, maar Feijenoord viel direct aan; doelman Kremer stopte schoten van Barendregt en Koonings, en Dekker stompte een schitterend schot van Janssen tot hoekschop. Kees Pijl kreeg in buitenspelpositie de bal van Verbeek en gaf Kremer met een harde schuiver geen kans (1-0 bij rust). Na rust kanjerde Koonings tegen de lat; in een periode van Haags overwicht ging Pijl er in zijn eentje vandoor en scoorde onhoudbaar (2-0). Uit een voorzet van Snouck Hurgronje scoorde Adam keurig (2-1). Barendregt kreeg daarna uit een voorzet van Verbeek de bal en scoorde langs drie Hagenaars. Feijenoord liep uit naar 5-2, met uitstekend aanvalsspel na rust.
Bron: eigen verslag op basis van Voorwaarts van 16 januari 1928 (Delpher).
