Feyenoord kon in mei 1993 met een zege in het Olympisch Stadion nog meedoen om de titel, maar had dat seizoen al twee keer kansloos van Ajax verloren (0-3 en 0-5 in de beker). Trainer Willem van Hanegem begon voorzichtig, met Taument als enige spits en Gorré als stoorzender tegen Blind en Jonk.
Na een kwartier rondde Ronald de Boer een snelle combinatie met Bergkamp en Pettersson af (1-0). In de 27e minuut kopte de vrijstaande Vink een voorzet van Oulida hoog in de hoek, en drie minuten later schoot Jonk na een terugleg van Overmars strak raak (3-0). 'Nou moeten we het geen gekkenhuis laten worden', zei Van Hanegem in de rust.
In de 68e minuut stompte De Goey een schot van Bergkamp weg, maar Jonk schoot de terugspringende bal van zo'n 25 meter via de paal binnen (4-0). Daarna kwam Feyenoord terug: Blinker liep door na een steekpass van Gorré (4-1), en Obiku glipte langs Blind en Van der Sar (4-2). In de 89e minuut maakte Pettersson er 5-2 van.
Clubarts Van de Bosch sprak van 'Ajax-angst': 'Ze hadden lood in de benen.' De lachende derde was PSV, schreef De Telegraaf. Toch werd Feyenoord drie weken later kampioen.
Bron: eigen verslag op basis van NRC Handelsblad en De Telegraaf van 10 mei 1993 (Delpher).



