In november 1956 kwam koploper Ajax, dat wekenlang de ranglijst had aangevoerd, naar de Kuip. Het werd een vernedering. Voor ruim 54.000 toeschouwers speelde Feijenoord de Amsterdammers met technische overmacht van de mat. Vooral Schouten en Moulijn ontwrichtten de Ajax-verdediging, en omdat Ajax met man en macht de linkerkant probeerde af te sluiten, kwam op rechts Daan den Bleijker vrij.
De strijd ging eerst gelijk op, maar na dertien minuten opende Den Bleijker de score. Daarna volgden de doelpunten in hoog tempo. Den Bleijker scoorde nog twee keer en Cor van der Gijp twee keer, zodat Ajax met een 5-0 achterstand de rust in ging. Na de hervatting maakten Henk Schouten en opnieuw Den Bleijker, die vier keer scoorde, er 7-0 van.
Daarna blies Feijenoord de stoom af en speelde het nog alleen om het spel. Ajax greep die kans aan en kwam terug tot 7-3, cijfers die volgens het Algemeen Dagblad 'eerder een geflatteerd tintje' hadden voor de Amsterdammers.
Het resultaat was opvallend, omdat Feijenoord twee weken eerder nog met 4-0 van DOS had verloren.
Bron: eigen verslag op basis van het Algemeen Dagblad en Tubantia van 12 november 1956 (Delpher).



