Op 24 augustus 1958 won Feyenoord de eerste eredivisiewedstrijd van het seizoen thuis met 3-1 van NOAD, voor 45.000 toeschouwers en onder leiding van scheidsrechter Joop Martens, met een sensationeel slot. Na twintig minuten trok Rinus Bennaars er indrukwekkend tussenuit en passeerde met een schijnbeweging zelfs doelman Pieters Graafland (0-1). Feyenoord was nog lang niet ingespeeld; Walhout liep wat onwennig rond en de voorhoede hing als los zand aan elkaar, alleen Moulijn en de herstellende Hans van der Hoek speelden goed. Pas 23 minuten na rust kopte Cor van der Gijp de gelijkmaker in, waarna het spel vijf minuten werd gestaakt omdat spil Rombout knock-out was. Met nog negen minuten te spelen gaf Moulijn een lange voorzet op de vrijstaande Schouten, die hard inschoot (2-1), en drie minuten later glipte Moulijn langs Loose en gaf op maat af aan Schouten, die in het verlaten doel scoorde (3-1). Oud-Feyenoorder Onderstal verdedigde het NOAD-doel met bravoure. Feyenoord: Pieters Graafland; Van Kerkum, Roodbergen; Steenbergen, Van der Hoek, Walhout; Meijers, Schouten, Van der Gijp, Rijvers, Moulijn.
Bron: eigen verslag op basis van De Telegraaf (Delpher).

