Na de stunt tegen Werder Bremen ontving Feyenoord in de kwartfinale van de Europa Cup voor bekerwinnaars het Spaanse Real Zaragoza, met onder anderen Juan Esnáider en Gustavo Poyet. In de beginfase viel in de uitverkochte Kuip zelfs even het licht uit. Daarna werd het elftal van trainer Willem van Hanegem technisch en tactisch zwaar op de proef gesteld. Zaragoza was tot een kwartier na rust veruit de betere ploeg en verdiende een voorsprong.
Dat het niet zover kwam, was te danken aan doelman Ed de Goey, die in blakende vorm keepte. Bij Feyenoord was er geen wisselwerking tussen vrije verdediger Trustfull en mandekkers Maas en Bosz, en Rob Witschge was op het middenveld het enige verbindingspunt met de aanval. 'Angst regeerde het elftal', zei Van Hanegem later.
Toch scoorde Feyenoord, en het had daar maar één kans voor nodig. Publiekslieveling Henrik Larsson dreef de bal naar een hoek van waaruit scoren onmogelijk leek, maar schoot toch raak (1-0). Het stadion werd stil van zoveel geluk. De overwinning had wel een prijs: Witschge kreeg van de Finse scheidsrechter Koho rood omdat hij een tegenstander in het gezicht sloeg na een kopstoot. 'Dom, heel dom', gaf hij toe. Ook Fraser en Maas kregen geel.
'De Spanjaarden hadden drie, vier doelpunten kunnen maken', erkende Van Hanegem. 'De Goey heeft ons op de been gehouden.'
Bron: eigen verslag op basis van het Algemeen Dagblad en Het Parool van 3 maart 1995 (Delpher).



