Met een 2-1 zege uit de heenwedstrijd reisde Feyenoord, zonder de geblesseerde Wim van Hanegem, naar Stuttgart voor de return in de halve finale van de UEFA Cup. VfB had aan een 1-0 genoeg en moest dus aanvallen. Feyenoord stond goed en kwam in de eerste helft op voorsprong toen Peter Ressel de bal in het gat naast doelman Heinze schoof (0-1). Theo de Jong schoot even later nog tegen de paal, en Stuttgart mocht pas in de 34e minuut zijn eerste hoekschop nemen.
Twee minuten na rust leek de beslissing te vallen. Uit een hoekschop van Ressel kwam de bal bij Kristensen, die hem direct terugtikte naar de vrijstaande Lex Schoenmaker, en die knalde van korte afstand onhoudbaar raak (0-2). Toch kwam Stuttgart terug. Tien minuten na de hervatting haalde Ramljak een inzet van Handschuh nog van de lijn, maar hij legde de bal precies voor de voeten van Dieter Brenninger, die in het verlaten doel schoot (1-2). Drie minuten later haalde Ramljak de snelle Stickel neer, en Brenninger benutte de strafschop (2-2).
Trainer Wiel Coerver zocht rust en bracht Wery in voor de uitgebluste Kristensen, en later Rinus Israël als extra verdediger voor Schoenmaker. In een rommelige, verbeten slotfase kregen Ettmayer en Treijtel nog geel van de Schotse scheidsrechter Patterson, maar echte kansen kreeg Stuttgart niet meer.
Met de 2-2 stond Feyenoord in de finale van de UEFA Cup, tegen Tottenham Hotspur.
Bron: eigen verslag op basis van het Algemeen Dagblad, Tubantia en Trouw van 25 april 1974 (Delpher).


