In de tweede ronde van de UEFA Cup, in oktober 1973, speelde Feijenoord thuis voor slechts 16.000 toeschouwers tegen Gwardia Warschau. Kristensen ontbrak door griep. Na een 'onthutsend slechte eerste helft' gingen de spelers van trainer Wiel Coerver onder een fluitconcert de rust in, met een 0-1-achterstand door een doelpunt van Szymczak.
Na rust, met Ressel in de ploeg voor Vos, stond er volgens de Leeuwarder Courant een heel ander Feijenoord. Met bijna onophoudelijke stormlopen en hoge ballen werd Gwardia gesloopt. In de tiende minuut na rust schoot Lex Schoenmaker uit een scrimmage loeihard de gelijkmaker binnen (1-1). In de 22e minuut na rust legde Van Hanegem een voorzet van Wery terug op Theo de Jong, die verwoestend uithaalde (2-1). Drie minuten voor tijd won Van Hanegem opnieuw een luchtduel, en Schoenmaker kopte de 3-1 binnen.
'Als het met goed voetbal niet lukt een tegenstander op de knieën te krijgen, dan moeten we die tegenstander met krachtvoetbal neerknokken', had Coerver bij zijn komst gezegd. Volgens de krant was dat precies wat Feijenoord na rust deed.
Bron: eigen verslag op basis van de Leeuwarder Courant, het Nieuwsblad van het Noorden en De Volkskrant van 25 oktober 1973 (Delpher).





