Feyenoord kon op 28 mei 1961 in een uitverkochte Kuip tegen Rapid JC voor het eerst in 21 jaar landskampioen worden. Zo'n 62.000 toeschouwers zagen een gretig Feyenoord in een licht tenue beginnen: na tien minuten had de ploeg al vijf hoekschoppen genomen. Toch kwam Rapid in de 14e minuut op voorsprong, toen Eddy Pieters Graafland een ver schot van Habets niet goed verwerkte (0-1).
Vijf minuten later maakte Henk Schouten na een pass van Bouwmeester gelijk. Stopper Haenen probeerde de bal nog van de lijn te halen, maar schoot hem in het eigen net (1-1). Een doelpunt van Feyenoord werd door scheidsrechter Leo Horn terecht wegens buitenspel afgekeurd, en Van der Gijp schoot tegen de lat. In de 29e minuut liep Coen Moulijn zijn bewaker Brüll voorbij en gaf een voorzet, waaruit Cor van der Gijp Feyenoord op voorsprong schoot (2-1). Rapid-doelman Jacobs voorkwam daarna met een reeks reddingen een grotere achterstand.
Na rust werd het een slappe vertoning. Feyenoord bleef hoekschoppen nemen, maar scoorde niet meer. Kort voor het einde stroomden duizenden supporters al het veld op, waarna Horn de wedstrijd met een voetzoeker afsloot.
Voor het zesde kampioenschap werden de spelers op de schouders genomen. Aanvoerder Gerard Kerkum kreeg een grote bos bloemen De kampioen werd kort daarna op het stadhuis ontvangen.
Bron: eigen verslag op basis van Het Rotterdamsch Parool, Het Parool en de Volkskrant van 29 mei 1961 (Delpher).





